In de Texaanse woestijn is het druk geweest. Eerst de broertjes Coen die “No Country For old Men” aan het opnemen waren en dan nog Paul Thomas Anderson met zijn ‘There Will Be Blood’ .
Anderson, 1 van mijn favoriete regisseurs, zie ‘Boogie Nights’ en ‘Magnolia’, begint zijn film met 20 minuten woordenloze scènes: Een man, een houweel, een mijnschacht en de mysterieuze klanken van Radiohead-gitarist Jonny Greenwood. De man met het houweel heet Daniel Plainview: een hondsbrutale, door-en-door-misantropische (’Ik zie alleen het slechtste in de mens’), maar toch niet helemáál onbeminnelijke oliebaron. Zijn tegenstander is Eli Sunday (Paul Dano), een jeugdige, parmantige predikant die in het prairiedorpje waar Plainview naar olie wil boren - het jaar is 1898 - een fanatieke geloofsgemeenschap leidt.
De jonge Dano is uitmuntend, maar dé sensatie van ‘There Will Be Blood’ is de alweer verbluffende Daniel Day-Lewis die in elke scène aanwezig is en er ook een oscar mee won. Opgelet, de film eindigt met een grappige noot!








Recente reacties